Bij het onderdeel Waarnemen moet je in korte tijd een persoon, voertuig of situatie feitelijk beschrijven. Wie zonder systeem werkt, vergeet gegarandeerd kenmerken. Met een vaste volgorde haal je veel meer punten.
Werk altijd van boven naar beneden
Begin bij het hoofd en werk naar de voeten. Deze route dwingt je om niets over te slaan en helpt je later bij het opschrijven, omdat je de informatie in dezelfde volgorde terugvindt.
- Geslacht, geschatte leeftijd, lengte en postuur
- Haar: kleur, lengte, model, eventueel hoofddeksel
- Gezicht: bril, baard, snor, littekens, tatoeages, piercings
- Bovenkleding: type, kleur, opdruk, capuchon, rits of knopen
- Onderkleding: broek of rok, kleur, model
- Schoenen: type en kleur, vaak vergeten maar onderscheidend
- Bijzonderheden: tas, telefoon, manier van lopen, accent
Voertuigen beschrijven
Bij voertuigen let je op soort, merk indien bekend, kleur, kenteken, schade, stickers en het aantal inzittenden. Noteer ook de rijrichting: die informatie is voor de politie vaak waardevoller dan het merk.
De situatie vastleggen
Naast de persoon beschrijf je de situatie: plaats, tijd, wat er precies gebeurde, in welke volgorde en wat jij hebt gedaan. Gebruik dezelfde feitelijke stijl als bij een rapport en vermijd interpretaties.
Oefeningen die echt werken
- Kijk vijf seconden naar een foto van een persoon en beschrijf hem daarna uit je hoofd
- Beschrijf tijdens je reis een medereiziger in gedachten volgens de vaste volgorde
- Laat iemand een kort filmpje afspelen en schrijf achteraf op wat je zag
- Vergelijk je beschrijving daarna met het origineel en noteer wat je miste
Typische valkuilen
Kandidaten vullen onder tijdsdruk gaten in met wat waarschijnlijk lijkt. Dat is precies wat je niet moet doen: als je iets niet hebt gezien, meld je dat je het niet hebt waargenomen. Dat is geen zwakte, dat is correct rapporteren.
Een tweede valkuil is te veel nadruk op kleding en te weinig op onveranderlijke kenmerken. Kleding kan iemand binnen een minuut uittrekken; lengte, postuur en tatoeages niet.
Waarnemen en rapporteren horen bij elkaar
Wat je niet nauwkeurig waarneemt, kun je later niet feitelijk rapporteren. Oefen deze twee onderdelen daarom altijd in combinatie — dat scheelt tijd en levert op beide onderdelen punten op.